Index: DamClients/DamUI/trunk/doc/DAM UI - User manual/DAM UI - User manual.tex =================================================================== diff -u -r6176 -r6177 --- DamClients/DamUI/trunk/doc/DAM UI - User manual/DAM UI - User manual.tex (.../DAM UI - User manual.tex) (revision 6176) +++ DamClients/DamUI/trunk/doc/DAM UI - User manual/DAM UI - User manual.tex (.../DAM UI - User manual.tex) (revision 6177) @@ -2914,12 +2914,12 @@ \item \nameref{sec:SellmeijerRevisedWBI} \end{enumerate} -\Note{Piping kan alleen gecombineerd worden met 1D profielen, NIET met 2D profielen.} +\Note{Piping kan alleen toegepast worden met 1D profielen, NIET met 2D profielen.} \subsection{Bligh} \label{sec:Bligh} DAM biedt de mogelijkheid om te rekenen met de standaard piping regel van Bligh. -De piping veiligheidsfactor wordt bepaald a.h.v.: +De piping veiligheidsfactor wordt bepaald volgens: \begin{equation} \label{eq:FoSBligh} FoS = \frac{m_p \; H_c}{h - h_{\text{exit}} - r_c \; D_{\text{deklaag}}} @@ -2931,11 +2931,11 @@ waarbij: \begin{longtable}{p{12mm}p{\textwidth-24pt-12mm}} $H_c$ & is het kritieke verval; \\ -$m_p$ & is het modelfactor voor het piping model ($m_p$ = 1); \\ -$h$ & is het freatische waterstand aan rivierzijde; \\ -$h_{\text{exit}}$ & is het freatische waterstand bij uittredepunt; \\ -$r_c$ & is de reductiefactor voor de weerstand in de deklaag bij de uittredepunt ($r_c$ = 0.3); \\ -$D_{\text{deklaag}}$ & is de laagdikte van de deklaag bij uittredepunt;\\ +$m_p$ & is de modelfactor voor het piping model ($m_p$ = 1); \\ +$h$ & is de freatische waterstand aan rivierzijde; \\ +$h_{\text{exit}}$ & is de freatische waterstand bij hetuittredepunt; \\ +$r_c$ & is de reductiefactor voor de weerstand in de deklaag bij het uittredepunt ($r_c$ = 0.3); \\ +$D_{\text{deklaag}}$ & is de laagdikte van de deklaag bij het uittredepunt;\\ $L$ & is de kwelweglengte (in DAM gedefinieerd als de afstand tussen Teen dijk buitenwaarts en het eerste punt waar opdrijven optreedt); \\ $C_{\text{creep}}$ & is de creep factor afhankelijk van de mediane korreldiameter $D_{50}$ (zie \autoref{tab:CCreepBligh} en \autoref{eq:D50}). \end{longtable} @@ -2969,7 +2969,7 @@ Vervolgens wordt voor deze uittredelocatie een berekening gemaakt voor opbarsten, heave en voorschrijdende erosie (piping) op basis van de lagenopbouw ter plaatse. \subsubsection{Opbarsten} -De veiligheidsfactor voor opbarsten wordt bepaald a.h.v.: +De veiligheidsfactor voor opbarsten wordt bepaald volgens: \begin{equation} \label{eq:FoSUpliftSellmeijer} FoS_u = \frac{m_u \; \Delta \phi_{c,u}}{\phi_{\text{exit}} - h_{\text{exit}}} @@ -2988,7 +2988,7 @@ \end{longtable} \subsubsection{Heave} -De veiligheidsfactor voor heave wordt bepaald a.h.v.: +De veiligheidsfactor voor heave wordt bepaald volgens: \begin{equation} \label{eq:FoSHeaveSellmeijer} FoS_h = \frac{i_{c,h}}{i} @@ -3010,18 +3010,18 @@ \end{longtable} \subsubsection{Terugschrijdende erosie} -De veiligheidsfactor voor terugschrijdende erosie wordt bepaald a.h.v.: +De veiligheidsfactor voor terugschrijdende erosie wordt bepaald volgens: \begin{equation} \label{eq:FoSErosieSellmeijer} FoS_p = \frac{m_p \; H_c}{h - h_{\text{exit}} - r_c\; D_{\text{deklaag}}} \end{equation} waarbij \begin{longtable}{p{10mm}p{\textwidth-24pt-10mm}} -$H_c$ & critical head (potential) difference over the structure between entry and exit point [m] \\ +$H_c$ & kritieke verval over de waterkering tussen het intredepunt en het uittredepunt [m] \\ $m_p$ & modelfactor voor het piping model ($m_p = 1$) \\ -$h$ &freatische waterstand aan rivierzijde [m] \\ -$h_{\text{exit}}$ & freatische waterstand bij uittredepunt [m] \\ -$r_c$ & reduction factor providing the fraction of the blanket thickness by which the total head difference is reduced due to hydraulic resistance in the vertical exit channels (default value: 0.3) \\ +$h$ & freatische waterstand aan rivierzijde [m] \\ +$h_{\text{exit}}$ & freatische waterstand bij het uittredepunt [m] \\ +$r_c$ & reductiefactor voor de weerstand bij het uittredepunt ($r_c$ = 0.3) \\ $D_{\text{deklaag}}$ & laagdikte van de deklaag bij uittredepunt [m]\\ \end{longtable} $H_c$ in bovenstaande formule komt overeen met onderstaande $\Delta H_c$ @@ -3055,7 +3055,7 @@ \subsubsection{Piping} \label{sec:PipingSellmeijer} Om piping te bepalen, dienen bovenstaande drie deelmechanismen in deze volgorde uitgerekend te worden. -Bij het falen van een van deze berekeningen, berekent DAM de volgende deelmechanismen ook niet. +Bij het falen van één van deze berekeningen, berekent DAM de volgende deelmechanismen ook niet. Dus wanneer er geen opbarstberekening gemaakt kan worden, dan worden heave en terugschrijdende erosie ook niet berekend. Wanneer alledrie deelmechanismen berekend zijn wordt de hoogste veiligheidsfactor getoond als Piping veiligheidsfactor, samen met het kritieke verval ($H_c$) van dit deelmechamisme. Niet te verwarren met de $H_c$'s van de andere deelmechanismen.